Gezondheid Zwitserse Witte Herder

Gezondheid Zwitserse Witte Herder


//sjonah-mae.nl/wp-content/uploads/2018/10/Gezondheid_IMG_8526.jpg

Bij elk ras komen erfelijke en ook niet met zekerheid bewezen erfelijke aandoeningen voor, zo ook bij de populatie Zwitserse Witte Herders. Het betreft o.a. de hieronder vermelde:

Aandoeningen test voor en onderzoeksfase CIM:

♦  Heupdysplasie [HD]
♦  Enostosis [groeipijn = geen test]
♦  Elleboogdysplasie [ED]
♦  Multi Drug Resistance  [MDR-1]
♦  Degeneratieve myelopathie [DM]
♦  Hypofysaire Dwerggroei [HdG]
♦  Cerebellaire hypoplasia (CH)

 

Andere aandoeningen die kunnen voorkomen:

♦  Megaoesophages [CIM]
♦  Chronische maag/darm ontsteking [IBD]
♦  Oogafwijkingen
♦  Doofheid
♦  Rugafwijkingen
♦  Perianale Fistels
♦  Kanker

 

Daarnaast kan een Zwitserse Witte Herder ook andere gezondheidsproblemen oplopen. Doordat de hond iets opgegeten heeft wat giftig voor hem is, bijv. chocolade, gezwommen heeft in vies water, bijv. diaree of via een ander dier of andere hond iets heeft oplopen, bijv. kennelhoest, etc.

Hieronder een beschrijving van de voornoemde eerste 7 erfelijke aandoeningen, waarvoor een onderzoek of test beschikbaar is:

 

  Heupdysplasie [HD]

Wat is HD

Bij HD zijn de kop en de kom van het heupgewricht niet goed gevormd, waardoor ze niet goed op elkaar aansluiten. Dit veroorzaakt schade in het gewricht. De aandoening kan een erfelijke basis hebben, maar kan ook zeker worden beïnvloed door omgevingsfactoren, zoals een hoge groeisnelheid en overbelasting door verkeerd of teveel bewegen of geen kwalitatieve voeding en overgewicht. Jonge honden met HD vertonen een afwijkende gang, plotselinge pijnlijkheid in de achterpoten en heup en verminderde activiteit vanwege de pijn. Vaak zijn de achterpoten en heupen minder sterk bespierd. Oudere honden vertonen verschijnselen die passen bij artrose [gewrichtsslijtage], zoals startkreupelheid, moeilijk opstaan en pijnlijkheid na zware inspanning. Het is belangrijk om een jonge hond die nog niet uitgegroeid is niet te wild te laten spelen, teveel achter ballen aan te laten rennen of andere belastende activiteiten te laten doen. Geef de hond een goede kwaliteit voeding zodat botten goed worden opgebouwd en ondersteund door de spieren. Er mag gefokt worden met ZWHerders met de uitslag: HD-A | HD-B. Van de fokkerij zijn uitgesloten de uitslag: HD-C | HD-D | HD-E.

  Enostosis [groeipijn]

Wat is Groeipijn ?

Groeipijn komt voor bij jonge, groeiende honden. Honden kunnen vanaf een leeftijd van 4 mnd last krijgen van groeipijn, na 18 maanden is de hond uitgegroeid en kan de hond dus ook geen groeipijn meer hebben. Deze ziekte komt veel voor bij grote, snelgroeiende hondenrassen, zo ook bij de Zwitserse Witte Herder, al schijnt de stamboomlijn hierin ook een rol in te kunnen spelen. De aandoening ontstaat doordat het bot zo snel groeit dat het voedingskanaal, waar de bloedvaten naar het beenmerg doorheen lopen, de groei niet bij kan houden. Dit kanaal wordt te krap en knelt de ader af, de slagader die ook door dit kanaal stroomt is wat steviger en zal niet zo snel afgekneld worden. Er wordt nu dus meer bloed in het beenmerg gepompt dan eruit kan, dit veroorzaakt nogal wat pijn. Honden met groeipijn zijn de ene dag wel kreupel en de volgende dag weer niet kreupel. Ook kan het van dag tot dag wisselen aan welke poot de hond kreupel is. Tijdens het onderzoek bij de dierenarts [DA] valt op dat druk op de botten pijnlijk is. Er wordt goed gekeken en gevoeld of de gewrichten (elleboog en schouder) niet pijnlijk zijn, dit kan weer op andere problemen [ED | HD] duiden. Soms is het nodig röntgenfoto’s te maken. Hierop kunnen in ieder geval elleboog- en schouderaandoeningen uitgesloten worden. De groeipijn kan vaak gezien worden als een wittige verdichting in de mergholte [zie foto hieronder]. Groeipijn kan goed behandeld worden, om de pijn te bestrijden krijgt de hond ontstekingsremmers/ pijnstillers. Naast de pijnstillende werking zorgen deze medicijnen ook voor een afremming van de ontstekingsreactie in de mergholte en het beenvlies. Laat de hond aan de lijn uit, korter dan normaal en voor de rest rust houden. En zeker geen wilde bal en stok spelletjes doen. Daarnaast kan het raadzaam zijnde hond op ander voer te zetten. Het van belang dat de hond voer krijgt met een goede verhouding in calcium, fosfor en vitamine D. Herstel kan vlot plaatsvinden e.e.a. afhankelijk van de mate van groeipijn. ! LET OP - Groeipijn is geen Elleboogdysplasie !

  Elleboogdysplasie [ED]

Wat is ED ?

ED is een ontwikkelingsstoornis van met name het kraakbeen in de gewrichten. Het kan erfelijk zijn, maar ook kunnen omgevingsfactoren bijdragen aan het ontstaan van deze aandoening. Sommige honden kunnen op jonge leeftijd al ernstige problemen ondervinden door ED. Bij andere honden leiden ernstige misvormingen in het gewricht pas op latere leeftijd tot kreupelheid. Om echt te kunnen zien of de hond ED heeft, zijn [digitale] röntgenfoto’s van de gewrichten nodig. Het ED-onderzoek richt zich op vier verschillende aandoeningen van het ellebooggewricht. Al deze aandoeningen kunnen leiden tot misvormingen in het gewricht en kreupelheid. Alleen met Zwitserse Witte Herders met de uitslag ED 0|0 en ED-grensgeval mag worden gefokt [uitgesloten zijn: E-graad 1 | ED-graad 2 | ED-graad 3].

  Multi Drug Resistance-1 gen defect [MDR-1]

Wat MDR-1 ?

MDR-1 mutatie is een afwijking in het MDR-1 gen, dat codeert voor een eiwit dat onbekende stoffen de hersenen uit transporteert. Als dit eiwit ontbreekt, kunnen bepaalde geneesmiddelen zich ophopen in de hersenen. Dit geeft onder andere zenuwverschijnselen, kwijlen, braken en kan tot coma leiden. Ook is er meer risico op bijwerkingen van deze geneesmiddelen. Ivermectine, een ontwormingsmiddel, is een bekend voorbeeld van een geneesmiddel dat gevaarlijk is bij dieren met een MDR-1 mutatie. Maar ook andere ontwormingsmiddelen en geneesmiddelen, zoals onder andere bepaalde verdovingsmiddelen die bij operaties gebruikt worden en bepaalde pijnstillers, kunnen een risico vormen. Geef bij de dierenarts [DA] aan dat je niet weet of je pup MDR-1 mutatie heeft, dan kan de DA hier rekening mee houden bij de keuze van medicatie. Zwitserse Witte Herders met MDR-1 +|+ en MDR-1 +|- mogen ingezet worden voor de fok,, waarbij uitslag +|- gecombineerd moet worden met uitslag +|+. Ingeval van bijzondere lijnen mag een uitslag -|- gebruikt worden met toestemming van rasvereniging, en alleen in combi met een uitslag +|+.

  Degeneratieve Myelopathie [DM]

Wat is DM ?

DM is een aandoening die voorkomt bij oudere honden. Zenuwen in het achterste gedeelte van het ruggenmerg gaan langzaam minder goed werken waardoor de hond eerst zwakker wordt in de achterpoten, maar uiteindelijk helemaal verlamd raakt aan de achterpoten. Daarnaast kan de hond zijn urine en ontlasting niet meer ophouden doordat ook de zenuwen naar de blaas en het laatste deel van de darmen niet meer werken. Uiteindelijk wordt ook de werking van organen aangetast en zal de hond overlijden. Er is geen genezing mogelijk. Bij DLSS ontstaat er een vernauwing van het wervelkanaal in de overgang van lendenwervels naar bekken, onder andere door afbraak van tussenwervelschijven. Hierdoor komen zenuwen bekneld te liggen in het bekkengebied (lumbosacrale gebied). Symptomen zijn onder andere moeite met opstaan en springen, last van kreupelheid aan één van de achterpoten, neurologische verschijnselen en soms urine- en ontlasting incontinentie. Zwitserse Witte Herders met DM +|+ en DM +|- mogen ingezet worden voor de fok,, waarbij uitslag +|- gecombineerd moet worden met uitslag +|+. Ingeval van bijzondere lijnen mag een uitslag -|- gebruikt worden met toestemming van rasvereniging, en alleen in combi met een uitslag +|+.

 

  Hypofysaire Dwerggroei [HdG]

Wat is HdG ?

Hypofysaire dwerggroei is een aandoening die veroorzaakt wordt door een tekort aan groeihormonen. De hypofyse is een hormoonproducerende klier onderaan de hersenen. Bij honden met hypofysaire dwerggroei is de hypofyse niet goed ontwikkeld, waardoor deze in onvoldoende mate bepaalde hormonen produceert. Eén van deze hormonen is het zogenaamde 'groeihormoon' (GH) dat een belangrijke rol speelt in de groei en verdere ontwikkelingen van het skelet. Door een tekort aan groeihormoon zal het skelet zich onvoldoende ontwikkelen en zal de hond achter blijven in de groei. Dit wordt zichtbaar rond een leeftijd van ca. 4 maanden, waarbij de hond er als een 'dwerg' uit blijft zien. Een ander opvallend verschijnsel is dat deze honden hun puppyvacht langer behouden en uiteindelijk veel minder haar overhouden en dus grotendeels kaal zullen zijn. Daarnaast missen ook andere hormonen, zoals het schildklierhormoon en geslachtshormonen, wat zorgt voor stofwisselingsproblemen en onvruchtbaarheid. De diagnose wordt gesteld op basis van het uiterlijk en de verschijnselen en bevindingen van het lichamelijk onderzoek in combinatie met de bepaling van de concentratie groeihormoon in het bloedplasma met behulp van een speciale test. Via een DNA-test kan getest worden of een hond vrij, drager of lijder is. De behandeling is beperkt mogelijk en bestaat uit het toedienen van de hormonen waarvan een tekort is. Ondanks de behandeling worden de meeste honden met deze aandoening niet ouder dan 4 jaar.

 

  Megaoesophagus [CIM]

Wat is CIM ?

CIM is een aangeboren slokdarmverlamming. Dit is een erfelijke aandoening waarbij door plaatselijke of algehele verlamming de slokdarm deels of geheel haar functie verliest. Bij een gezonde hond zorgt de slikreflex ervoor dat voedsel de luchtpijp kan kruisen zonder risico op verslikken. Automatische reflexen zorgen voor peristaltische bewegingen die ervoor zorgen dat voedsel naar de maag getransporteerd wordt. Het onderste gedeelte van de slokdarm wordt vervolgens afgesloten door een soort van sluitspier, die ervoor zorgt dat voedsel en vooral ook de zure verteringssappen niet meer vanuit de maag terug kunnen naar de slokdarm. Bij puppy’s met een aangeboren slokdarmverlamming werkt de peristaltiek van de slokdarm niet en moet het voedsel door de zwaartekracht naar de maag zakken. Vaak lukt dit maar voor een deel, waardoor er ook voedsel in de slokdarm blijft en terug kan stromen naar de bek. Dit wordt regurgiteren genoemd. Regurgiteren gebeurt, ook voor de hond, volkomen onverwachts en zonder lichamelijke reflexen, waardoor de luchtpijp niet wordt afgesloten. Hierdoor is er een groot risico op verslikken of zelfs (fatale) longontsteking. De belangrijkste symptomen zijn: opgeven van melk via de neus en ‘klots’ geluiden in de slokdarm. Dit is het spontaan terugvloeien van eten of drinken via de bek, zonder dat de hond hier zelf erg in heeft en zonder braakneigingen of buikpers. De symptomen worden vaak duidelijker bij de overgang naar vast voedsel. Bij het constateren van één van deze symptomen is het raadzaam om een dierenarts te raadplegen en indien mogelijk de symptomen te filmen. Een ‘gewone’ röntgenfoto kan vervolgens uitsluitsel geven of er sprake is van een volledige slokdarmverlamming (mega-oesophagus). Een hond met slokdarmverlamming kan met de juiste ondersteuning en begeleiding een redelijk goede kwaliteit van leven hebben. Deze honden eten in een zogeheten ‘Bailey chair’, waarin de hond rechtop zit en het voedsel makkelijker naar de maag zakt en blijft. Daarnaast blijkt zacht voer makkelijker te verwerken is dan brok en kunnen waterverdikkers gebruikt worden om het risico op verslikken te verminderen. Ook maagzuurremmers kunnen voorgeschreven worden. Een recente studie heeft aangetoond dat ook Sildanefil (= Viagra) in sommige gevallen een verbetering kan geven in de klachten bij pups met een slokdarmverlamming. Onderzoek Universiteit Utrecht Het expertise centrum genetica van de Universiteit Utrecht doet onderzoek naar aangeboren slokdarmverlamming en slikproblemen. Op dit moment is er (internationaal) nog weinig bekend over aangeboren slokdarmverlamming en met name over de variaties waarin het zich openbaart. Bekijk hier de onderzoekspagina of de video van de Universiteit Utrecht over dit onderzoek. In eerdere wetenschappelijke onderzoeken zijn vrijwel alleen gevallen beschreven van een volledig verwijde slokdarm met de typische waarneembare symptomen en een zeer slechte prognose voor de pup. Er zijn binnen de ZWHerder ook gevallen bekend waarbij de aandoening zich milder openbaart of zelfs zonder uiterlijk waarneembare symptomen. Het Expertise Centrum Genetica tracht de aandoening bij de ZWHerder beter in beeld brengen. De te verzamelen kennis kan bijdragen aan betere behandeling van puppy’s met deze aandoening, maar ook gericht fokbeleid mogelijk maken om de incidentie te verlagen en wellicht leiden tot het ontwikkelen van een DNA test.

[Klik voor vergroten]

 

 

 

 


//sjonah-mae.nl/wp-content/uploads/2018/10/Skelet-hond.jpg